Intervisie

Veel huisartsen nemen tegenwoordig deel aan een intervisiegroep, al dan niet begeleid. Een belangrijk en leuk deel van het werk en soms ook nodig voor accreditatiepunten voor herregistratie. De ervaring leert dat begeleide groepen meestal méer opleveren omdat de begeleider voor een goede leeromgeving kan zorgen. Dat betekent bijvoorbeeld de veiligheid om ook minder succesvolle verhalen in te brengen, en aandacht voor ieders professionele ontwikkeling.

Intervisie beoogt het leren van ervaringen te versterken. Daarbij is het delen van (emoties rondom) ervaringen vaak prettig en is het soms ook echt nodig om stoom af te blazen. De begeleider stimuleert dat het daarbij niet blijft, maar dat er constructief gezocht wordt naar mogelijkheden om van de ervaring te leren. Je wordt geprikkeld om te reflecteren op een eigen situatie en handelen. Het betreft meestal werksituaties, wat die voor je betekenen en hoe je daarmee omgaat. Je gaat dan je beweegredenen na en krijgt beter zicht op je mogelijkheden en valkuilen Dit in onderlinge gelijkheid en wederkerigheid. Je wordt daarbij ook deelnemer aan de ervaringen van een ander en daarvan leer je soms evenveel.

 

Ik begeleid de intervisie van meerdere groepen huisartsen in de regio Zuid Oost Brabant. Vanuit mijn ervaring als huisarts, docent en supervisor weet ik welke werkgerelateerde vragen nogal eens op de voorgrond staan bij artsen en wat het vak met zich mee kan brengen aan onzekerheden en zwaarte.

    Thema’s die vaak aan bod komen:
  • Indrukwekkende casuïstiek
  • Werkdruk; balans werk-privé
  • Samenwerking/conflicten met patiënten, verpleegkundigen en collega's
  • Eisende en/of agressieve patiënten of familie van patiënten
  • Begeleiding van terminale patiënten, euthanasie
  • Afgrenzen van verantwoordelijkheid
  • Feedback geven en ontvangen
  • Angst voor fouten
  • Omgaan met klachten

Begeleide intervisie vindt plaats in groepen van vier tot acht personen, vanuit eenzelfde discipline, soms ook multidisciplinair. Het kan gaan om een traject van een beperkt aantal bijeenkomsten, bijvoorbeeld acht keer, eens in de vier tot acht weken. Er bestaan ook doorlopende groepen die gemiddeld zes keer per jaar bijeen komen. Groepen die langer bestaan kunnen ervoor kiezen om na een periode van begeleiding zelfstandig verder te gaan of om de begeleider er nu en dan bij te vragen.